Tentoonstelling “Stille Taferelen”


In het algemeen wordt het genre Stilleven in de schilderkunst omschreven als het afbeelden van levenloze of roerloze wezens of dingen. In die zin schilder ik niet “echte “ stillevens. Ik zou mijn werken eerder willen omschrijven als “stilleven achtige “ composities .Composities waarin min of meer abstracte vormen ( die wel aan voorwerpen doen denken ) en ingetogen kleuren gebruikt worden, om een verstilde serene sfeer op te roepen.

In deze tentoonstelling STILLE TAFERELEN interpreteren we alle 4 op onze eigen wijze het gegeven Stilleven en hoe het ook zij, op de een of andere manier maakt ieder van ons – bewust of onbewust- aanspraak op het zgn. stiltegebied. Voor de kunstenaars is het vaak een tasten en zoeken naar het zichtbaar maken van STILTE. Hoe doe je dat ? Hoe kun je zichtbaar maken , wat met het gehoor te maken heeft ?
In elk geval niet door een “zwijgen “ of een afwezigheid van de hand van de kunstenaar. De kunstenaar spreekt zich wel degelijk uit, maar terughoudend. Ik bedoel daarmee, dat je bij zgn. stille kunst geen werken moet verwachten die gekenmerkt worden door een hevige mate van zelfexpressie en subjectiviteit. Eerder is er sprake van een mate van objectiviteit. Afstand nemen, de tijd nemen (wachten) en goed “luisteren” wat er gewild wordt.

In 1614 vergeleek Giomo B. Marino dit soort zwijgzame beeldende kunst al met “stille poëzie “ en sprak hij over het fluisteren van stille kunstenaars. Hij noemde het een “welluidend stil-zijn “. Welluidende stilte / dynamisch zwijgen / roerloze beweging etc. Het lijken begrippen rechtstreeks uit de Oosterse wereld van het Zen Boeddhisme . Dit soort schijnbaar tegengestelde omschrijvingen doen nogal raadselachtig aan, maar weerspiegelen mi. de essentie van de tentoonstelling Stille Taferelen.